// don't show on homepage
info Contact

De ondersteuning van Farent is gratis. Neem contact met ons op van ma t/m do van 8.30 - 17.00 uur en op vrijdag tot 12.30 uur.

088 023 75 00

Ben je in een situatie waarbij acuut hulp nodig is? Bel dan 24/7 met onze Crisisdienst, ook via bovenstaand telefoonnummer. 

19 september 2022Afscheid Thom Riksen: 'we moeten eigenwijs durven zijn'

Farent-manager Thom Riksen stopt er mee. Hij gaat met pensioen. Tijd om terug te kijken op zijn loopbaan in het sociaal werk. Een gesprek met een bevlogen en ook eigenwijze sociaal werker die af en toe graag buiten de lijntjes kleurde om iets voor elkaar te krijgen, en die altijd in de bres is gesprongen voor de mensen in de wijk voor wie het leven soms minder kansen biedt.

Hoewel Thom ’s-Hertogenbosch van A tot Z kent, is hij geen geboren Bosschenaar. Zijn wieg stond in Dongen. Nadat hij het VWO had afgerond, wilde Thom een universitaire opleiding geschiedenis gaan studeren. Helaas zorgde uitloting ervoor dat zijn plannen werden gedwarsboomd. Diverse baantjes volgde: van medewerker op een tuinderij waar hij toen al kennismaakte met de Bartjes omdat hij daar de heggen moest bijhouden, tot medewerker civiele dienst bij de broeders van Huize Overdonk, een zorginstelling voor mannelijke psychiatriepatiënten. ‘Patiënten liepen vrij rond door ons dorp en werden geaccepteerd en gerespecteerd door de dorpsgenoten. Eigenlijk toen al een soort ‘Thuis in de Wijk’. De studie lokte echter en Thom ging naar het Moller-instituut in Tilburg voor de lerarenopleiding geschiedenis. ‘Ik wilde mijn kennis vergroten over de maatschappelijke achtergronden van conflicten, in plaats daarvan moesten we ons bezighouden met droge feiten en jaartallen over bijvoorbeeld de Slag bij Hastings’, memoreert Thom. Hij stopte  met zijn opleiding en koos in 1978 voor de Sociale Academie in Den Bosch. Het begin van zijn bijna veertigjarige carrière in het sociaal werk.


Professionele vrijheid
In bijna alle wijken van Den Bosch heeft Thom wel gewerkt, eerst als jongerenwerker en later als opbouwwerker bij o.a. Stichting Jeugdzorg en Gezinswerk, één voorloper van Welzijn Divers. Talloze projecten en activiteiten heeft hij hier opgezet. ‘Mijn opdrachtgevers waren de besturen van de buurtcomités. En dat was soms echt laveren tussen de verschillende belangen en de onderlinge conflicten. Thom grinnikt als hij daaraan terugdenkt: ‘dan mocht ik bijvoorbeeld niet gaan koffiedrinken met bepaalde mensen in de wijk omdat het bestuur met hen ruzie had. Daar hield ik me natuurlijk niet aan.’ Hij vervolgt: ‘wat mooi was aan deze tijd was dat we veel professionele vrijheid hadden. We kregen de ruimte om dingen uit te proberen en ook om fouten te maken. Ik herinner me nog dat ik als jongerenwerker te maken kreeg met de eerste generatie allochtonen in de wijk. Ik kende de taal niet en ook niet hun cultuur. Maar met behulp van sport – en muziekactiviteiten en met vallen en opstaan leerden we hoe we hen konden betrekken bij de wijk.’


Hardnekkige problemen
‘Als ik zo terugkijk, dan hebben we nog steeds te maken met veel dezelfde sociaaleconomische problemen als vroeger. Er is nog steeds kansenongelijkheid en armoede. Dat wil niet zeggen dat onze inzet in de wijken door de jaren heen voor niets is geweest. Door te investeren in mensen en wijken hebben we samen met de gemeente en de woningcorporaties veel bereikt. Helaas is de problematiek hardnekkig. Een van de projecten waar ik met trots op terugkijk is bijvoorbeeld het wijkversterkingproject ‘pilot 1’ in de Barten. Dat is in Nederland één van de eerste projecten geweest op het gebied van sociale activering gekoppeld aan buurtverbetering. Samen met welzijn, maatschappelijk werk en de sociale dienst voerden we huis- aan-huisgesprekken met bewoners om op deze manier hun individuele situatie te verbeteren en met hen samen weken buurtproblemen aan te pakken. Daarop volgde de herinrichting van de Barten. En moet je nu kijken, de sfeer is nu zoveel anders in deze wijk. Van een naar binnengekeerde wijk met veel criminaliteit is het veranderd in een open wijk met een heel andere, zelfs luchtige, sfeer.  Naast de Barten ligt de Gestelse Buurt hem ook erg aan het hart. ‘Deze wijk heeft het door de jaren heen zwaar te verduren gehad met veel armoede en sociale problematiek.  In verhouding met andere wijken was het percentage bewoners dat kampten met psychiatrische problematiek hier drie keer zo hoog. Ook de snelle instroom van migranten lag met 30 % veel hoger ten opzichte van de andere wijken. In combinatie met de slechte kwaliteit van woningen was deze wijk echt een ‘zorgenkind’. In de winter moesten de bewoners hun dichtgevroren voordeuren zelfs met een haardroger ontdooien Vanuit het opbouwwerk zijn we aandacht blijven vragen voor deze wijk. En dat heeft gewerkt. Er is veel geïnvesteerd in de herinrichting en in sociaal programma’s. Je ziet dat het loont om gezamenlijk als gemeente, sociaal werk, woningcorporaties en politie op te trekken in programma zoals de Gestelse Buurt Werkt.’


Talenten van buurtbewoners
De projecten en activiteiten die Thom op zijn naam heeft staan, zijn talrijk.  ‘De mooiste projecten zijn voor mij de initiatieven die een buurtprobleem koppelen aan de interesse en talenten van buurtbewoners.’ Als voorbeeld noemt hij het Schuurtjesproject in de Hofstad. ‘Werkloze jongeren in de wijk werden geschoold in metselen, schilderen, kozijnen maken en bouwden zo voor de buurt een aantal schuurtjes. Twee vliegen in 1 klap. De buurt was blij met de schuurtjes en de jongeren konden vervolgens betaald aan de slag op de bouw.  Of de opzet van De Hobbel op het Taxandriaplein. Er was overlast op het plein door verveelde kinderen en jongeren. Bovendien konden de bewoners vanwege de vele bovenwoningen hun fiets niet kwijt. Met behulp van werkloze jongeren werd De Hobbel opgezet waar fietsen konden worden gestald en speelgoed kon worden geleend. Door toezicht vanuit De Hobbel verminderde de overlast aanzienlijk, kinderen konden lekker buiten spelen met leuk speelgoed en de fietsen kregen een mooi plaatsje.’

 

Energiearmoede
Sociaal werk is een mooi vak, vindt Thom. ‘Ik word blij van het contact met mensen; wat hen beweegt, waar ze mee bezig zijn en hoe ze hun leven invullen. Die interesse heb ik altijd gehad.’ Hij ziet voor het sociaal werk de komende jaren nog een grote rol weggelegd. ‘We moeten er wel op letten dat we onze onafhankelijke positie weten te behouden en van daaruit moeten we reageren op maatschappelijke ontwikkelingen. We moeten eigenwijs durven te zijn en ervoor blijven zorgen dat problemen en ontwikkelingen in de wijken op de politieke agenda komen. Denk bijvoorbeeld aan de energiearmoede die nu voor nijpende problemen gaat zorgen. We moeten onze focus houden op de kwetsbare inwoners. Hoe kunnen we helpen om hun eigen gedrag aan te passen en ervoor zorgen dat ze goed op de hoogte zijn van regelingen die er voor ze zijn?’

 

Niet meer in het donker opstaan
Thom gaat in ieder geval vanaf september het werk van Farent volgen vanaf de zijlijn. ’Ik ga eerst lekker op vakantie en daarna ga ik bekijken wat ik voor vrijwilligerswerk ga doen. In ieder geval moet het lekker praktisch zijn. Lekker met je handen bijvoorbeeld aan de slag in de natuur. En wat ook heerlijk is. ‘Niet meer in het donker opstaan in de winter om naar je werk te gaan’, lacht Thom. ‘Ik floreer het beste ’s-middags en ’s-avonds.’

 

Deze website gebruikt cookies

Wij gebruiken cookies zodat onze website beter werkt voor onze bezoekers. Daarnaast gebruiken wij cookies voor analytische doeleinden. Voor meer informatie verwijzen je naar ons cookie- en privacybeleid.

Weigeren Accepteren